Archief voor oktober, 2016

‘Nu het de week van de toegankelijkheid is, neemt u mijn beperking ook in?’

06, okt, 2016

Sazime Diler – Consulent in opleiding

Daar kwam een app van mijn vriendin. Of ik vanavond wat te doen heb. Eens even kijken. “Nou nee, niet bepaald”, appte ik terug. Ze vroeg me of ik dan met haar en andere vriendinnen mee uit eten wilde en daarna naar een club die goede muziek draait. ‘Toegankelijkheid’ begint bij mij al bij het kiezen van kleding. Want stel je voor, mijn geld valt op de grond en ik kan dan niet bepaald op mijn hurken om het op te pakken. Ik zal het dan moeten pakken met een beweging waarbij ik niet een te korte jurk aan moet hebben.

Om 18:30u werd ik opgehaald door mijn vriendin. Een andere vriendin zat voorin en ik vroeg haar vriendelijk of ze achterin wilde zitten. Ze antwoordde dat ze dat ook al van plan was. Ik zei op een ironische manier “Tja als je gehandicapten mee op stap neemt, heb je een aparte gebruiksaanwijzing voor die avond”. Waar zij “al die gehandicapten ook” op antwoordde. Al lachend gingen we richting het centrum van Arnhem.

We parkeerden bij de Rijnkade en ik bedenk altijd vooraf waar ik dan uit de auto stap, om de trap naar boven of de steile helling te vermijden. Beiden zijn minder toegankelijk voor mij. De energie die ik daar verbruik zal ik die avond nodig hebben om te swingen in de club. In de straat waar we zullen eten, is het bestraat met kinderkoppen. Ik ben al weleens gevallen omdat ik bleef haken achter een steen die net wat hoger was dan ik had ingeschat. Sindsdien let ik er heel goed op.

‘Ga ik het vlees zelf snijden?’
Aangekomen bij de eettent had ik enorme trek gekregen. Ik ben dan ook een echte vleeseter, dus bestelde ik een goed stuk vlees. Medium gebakken. Als het doorbakken is, dan is het te hard en voel ik me bij het kauwen net een koe en anderzijds is te sappig ook niet waar ik van houd. Na enig moment gewacht te hebben kregen we ons diner voor ons. Het zag er goed uit, maar er gingen belletjes rinkelen. Ga ik zelf het vlees snijden? Of laat ik het achter doen? Ik heb het in eerste instantie zelf geprobeerd, maar ik heb niet de kracht om dit bij het gehele stuk vlees te doen, want ja, ik wil nog swingen! Ik heb het maar aan de ober gevraagd; ik zou ook niet willen dat mijn stuk vlees bij een ander op bord komt of, erger nog, in het gezicht. Alle dramatische situaties zie ik dan natuurlijk voor me, als beelddenker. Ik heb de ober gevraagd of hij het voor mij in stukjes wil snijden, omdat ik daar de kracht niet voor heb. Hij zei dat hij dat wel wilde doen. Hij kwam terug met het vlees, en ik overdrijf (niet), in 1001 stukken. Ik moest wel even grinniken. Ik laat niet graag iets over aan anderen, dit was dan ook een bevestiging. Ik maakte nog een grapje of hij het de volgende keer ook kon pureren. “Zelfs dat wil ik voor je doen” grapte hij terug. Tenslotte vond ik de bejegening erg fijn. Het voelde niet bezwaard.

Nadat we gegeten hadden, stapten we weer in de auto. Bij de beroemde blauwe golven onder de brug – klinkt spannend maar is het niet – zijn de invalide parkeerplekken. Welgeteld heb je er 10 en, ja. alle 10 waren bezet. Het was inmiddels al rond 22:00 uur. De overweging om daar uit te stappen en op de rest te wachten, maakte ik natuurlijk direct. Mar toen ik de deur opende, zag ik dat er een groep jongeren onze kant opkeek en in mum van tijd deed ik de deur weer dicht, en besloot ik toch maar met ze mee te rijden. Gelukkig vonden we een parkeerplek in de buurt, maar ik moest wel meer energie inleveren die ik zou gaan gebruiken voor, jawel, het swingen!

Het dilemma van het swingen
Aangekomen bij de club, waar we de nacht verder zullen doorbrengen, zag ik dat het nog niet druk was. Daarom konden we nog een mooi ‘toegankelijk’ plekje uitzoeken. Dat wil zeggen, het was een mooi plekje uiteraard, maar het was veel minder toegankelijk. Te hoge barkrukjes, te hoge tafels, geen wc op de begane grond. Wanneer het drukker wordt, kan ik niet met mijn glas drinken tussen al die swingende mensen door vanaf de bar naar mijn zitplaats. Dan ben ik bang dat ik val of ik word aan de kant geswingd. Gelukkig ben ik assertief genoeg om de mensen die de lege glazen ophalen, te vragen of ze de volgende ronde drinken voor me mee willen nemen. En dat doen ze.

Even terug naar de te hoge barkrukjes en hoge tafels. Ik heb mijn eigen manier gevonden, met hulp die ik krijg van de dames, om bijna letterlijk zo’n kruk te beklimmen. Ik zit. Ik tank dan energie bij om vervolgens te kunnen swingen. Of ik houd mezelf (of jullie) voor de gek, want ik weet dat als ik inderdaad ga swingen, ik weer moet klimmen en klauteren om na het swingen weer tot rust te komen op de te hoge barkruk.

Maar dan….  
Kom je op je stage en zie je het volgende:
Er zijn 4 parkeerplaatsen voor de invaliden. Er stonden al 2 auto’s zonder een invalideparkeerkaart geparkeerd, er komt er nog 1 aanrijden en die ging er ook zonder invalideparkeerkaart staan. Als we de wereld willen veranderen, moeten we dan niet bij onszelf beginnen? Hoe toegankelijk zijn wij? Ben jij? Zeg jij er wat van als je dit ziet gebeuren? Ik (indirect) wel.

Had je deze toevallig op je autoruit? Dan was ik dat! Jij bent (nog) niet toegankelijk! 🙂

blog-sazime

VN verdrag voor mensen met een beperking

03, okt, 2016

Patrick Schmidt, Medewerker projecten bij MEE IJsseloevers en MEE Veluwe

Hoe pakt het VN Verdrag voor mensen met een beperking in de praktijk uit?

In dit blog zoom ik graag in op het VN-verdrag voor mensen met een beperking, waar Nederland zich per 14 juli 2016 aan geratificeerd heeft. In dit verdrag is afgesproken dat alle overheden, bedrijven en organisaties in Nederland ervoor moeten zorgen dat ze fysiek en voor wat betreft de dienstverlening toegankelijk zijn voor mensen met een beperking. Dat de Nederlandse regering zich gecommitteerd heeft aan dit VN-verdrag vind ik een goede zaak. Maar voordat wij dit VN-verdrag in Nederland volledig tot uitvoering kunnen brengen hebben we nog een lange weg te gaan.

Openbaar vervoer
Ik heb zelf een lichamelijke beperking waardoor ik volledig rolstoel gebonden ben. Dagelijks merk ik, zowel privé als in mijn werk, dat de toegankelijkheid voor mensen met een beperking goed geregeld is maar dat het nog beter kan.

Zo heeft in de afgelopen jaren het openbaar vervoer bijvoorbeeld een grote stap voorwaarts gemaakt. Tegelijkertijd zijn wij er in Nederland nog niet in geslaagd om de perrons zo te maken, dat iemand met een rolstoel in en uit de trein kan zonder gebruik te hoeven maken van de assistentieverlening. Dat blijft mij verbazen.

Toegankelijkheid van gebouwen
Als we kijken naar de fysieke toegankelijkheid van openbare gebouwen in Nederland valt er ook nog een duidelijke slag te maken. In veel gebouwen of op de toegangswegen, zijn er obstakels die ervoor zorgen dat mensen met een beperking hulp moeten vragen. Dat zou niet nodig zijn wanneer de openbare voorzieningen beter afgestemd zouden zijn op mensen met een beperking.

Denk bijvoorbeeld aan een veel te steil pad dat je moet nemen om bij een kantoor te komen. Of deurbellen die zo hoog hangen dat je er vanuit je rolstoel niet bij komt. Ook in de gebouwen zelf kom je vaak niet overal bij. Denk hierbij aan kasten of keukenblokken die te hoog zijn waardoor je niet bij de kopjes en de koffieautomaat komt.

Invalidetoilet als extra magazijn
Op de openbare plekken waar ik kom, maak ik het helaas vaak mee dat er wel een invalidentoilet is, maar dat dit toilet gebruikt wordt als een extra magazijn. Het staat volgepropt met spullen. Het gevolg is dat het niet meer gebruikt kan worden als invalidetoilet omdat je er met je rolstoel niet meer in komt. Dan moet je er als bedrijf of instelling geen bordje invalidentoilet op zetten. Plak er dan een bordje “extra magazijn” op. Ik roep alle bedrijven en instellingen in Nederland op om in het kader van het VN-verdrag dit soort faciliteiten te gebruiken waarvoor ze bedoeld zijn.

Begrijpelijke formulieren
Buiten de fysieke toegankelijkheid behelst het VN-verdrag ook dat de dienstverlening van bedrijven, overheden en instellingen toegankelijk moet zijn voor mensen met een beperking. Denk bijvoorbeeld aan formulieren die digitaal ingevuld kunnen worden. Dit zou op sommige punten zeker nog meer en vooral makkelijker kunnen. De digitalisering heeft ons veel gebracht maar niet alle digitale platforms zijn voor mensen met een handicap te bedienen of te begrijpen. Het is daarom van belang dat er meer geluisterd gaat worden naar mensen met een handicap om te kijken wat zij nodig hebben om beter gebruik te kunnen maken van digitale platforms zoals bijvoorbeeld DigiD.

Inzet ervaringsdeskundigen
Om ervoor te zorgen dat ervaringsdeskundigen met een handicap hier onder andere meer stem in krijgen, is MEE het project Ervaar MEE gestart. Een pool van ervaringsdeskundigen wordt ingezet naast de professionals van MEE. Vanuit het project gaan de komende maanden ervaringsdeskundigen op verzoek van verschillende gemeentes en bedrijven de toegankelijkheid binnen deze bedrijven en gemeentes testen. Zij kunnen advies geven waar de toegankelijkheid goed is en waar het nog beter kan om te voldoen aan het VN- verdrag.

Begin bij jezelf
Dit zijn natuurlijk hele mooie eerste stappen naar aanleiding van het VN- verdrag. MEE heeft zelf intern ook nog stappen te zetten om volledig te kunnen voldoen aan de eisen van het VN-verdrag. Wij gaan hier de komende maanden intern en extern heel hard mee aan de slag, zodat wij zelf het goede voorbeeld kunnen geven. En om bedrijven, instellingen en gemeentes ertoe te bewegen om hun toegankelijkheid voor mensen met een beperking te verbeteren.

Heel Nederland VN-proof
Het zal zeker nog een hele tijd duren voordat heel Nederland VN-proof is. Maar als iedereen hier het belang van in ziet, kunnen we ervoor zorgen dat uiteindelijk heel Nederland beter toegankelijk wordt voor mensen met een beperking. Ik ben ervan overtuigd dat er een dag komt dat heel Nederland voldoet aan dit VN-verdrag. In een volgend blog kijk ik graag met u terug op de stappen die MEE hierin de komende maanden gaat zetten.

Patrick Schmidt
Medewerker projecten bij MEE IJsseloevers en MEE Veluwe